Waarom een olifant, met meer dan 3000kg aan cellen, minder kanker krijgt dan een mens.

De paradox van Peto (geformuleerd in 1977) stelt dat het ontstaan van kanker niet in verband staat met de grootte van het organisme en de levensduur van dat organisme. Zo groeien jonge olifanten in 10 jaar tijd van een organisme van 100kg uit tot een organisme met meer dan 3000kg aan cellen. Theoretisch gezien, als iedere cel eenzelfde kans heeft te ontaarden in een kwaadaardigheid, zou een olifant dus vele malen meer kanker moeten ontwikkelen dan een mens. Het tegenovergestelde blijkt waar. Hoe kan dit?

 

Zoals in bovenstaande afbeelding is te zien blijkt dat gewicht en levensduur niet gecorreleerd zijn met en hogere sterfte aan kanker. Een uitzondering is de Tasmaanse Duivel die een aangezichtskanker (DFTD) overbrengt door de ander te bijten. Bijna 80% van de populatie is hiermee besmet en met een sterftepercentage richting de 100% is de prognose dat de Tasmaanse Duivel in 2035 uitgestorven zal zijn.

 

Olifanten hebben een 5% kans om in hun leven te overlijden aan kanker vergeleken met 11 – 25% bij de mens. Het blijkt dat olifanten veel meer P53 kopieën in hun genen hebben liggen. Patiënten met LFS hebben 1 normaal werkzaam P53 gen, gezonde mensen 2, Afrikaanse olifanten minstens 40. Daarnaast blijken de olifanten op DNA schade per actief p53 eiwit, zoals op onderstaande afbeelding is te zien, een veel hogere apoptose(= geprogrammeerde celdood) te hebben. Bij LFS patiënten lijken de witte bloedcellen in 2.71% van de gevallen in geprogrammeerde celdood te gaan nadat ze zijn bestraald met ioniserende straling, bij de gezonde controle groep in 7.17% en bij Afrikaanse olifanten in wel 14.64%. Dit is significant verschillend.

Dit is het eerste bewijs dat een groot organisme met een lange levensduur juist minder kanker ontwikkelt. Het inbrengen van actief P53 eiwit in muizen zorgt dan wel voor het verminderd ontstaan van kanker maar ook voor een versnelde veroudering. Er spelen hoogstwaarschijnlijk evolutionaire processen die hebben bijgedragen aan het ontstaan van extra P53 genen in de olifant. Deze genetische varianten met meer P53 hadden voordeel gezien het gigantische gewicht van olifant (en dus aan lichaamscellen), het feit dat olifanten tot op late leeftijd voor nageslacht kunnen zorgen (en dus beter geen kanker kunnen ontwikkelen voor die leeftijd) en dat oude olifanten meer status hebben en dus voor meer nageslacht kunnen zorgen (wat ervoor zorgt dat deze genetische variant beter doorgegeven wordt).

Bron: JAMA 2015 Nov 3;314(17):1850-60. doi: 10.1001/jama.2015.13134.

Voor het volledige artikel: https://jamanetwork-com.eur.idm.oclc.org/journals/jama/fullarticle/2456041

By | 2017-10-24T13:55:42+00:00 October 24th, 2017|Geen categorie|Comments Off on Waarom een olifant, met meer dan 3000kg aan cellen, minder kanker krijgt dan een mens.

About the Author:

Translate »